Anatomie en aanpassingen van kikkers
Lichaamskenmerken die kikkers helpen springen, zwemmen, jagen, zich verstoppen en overleven.

Lange achterpoten leveren kracht om te springen en te zwemmen.

Zwemvliezen helpen veel kikkers zich tijdens het zwemmen tegen het water af te zetten.

Veel kikkers gebruiken een snelle, kleverige tong om insecten te grijpen en in de bek te trekken.

Hoog geplaatste ogen laten kikkers uitkijken naar prooien en roofdieren terwijl een groot deel van het lichaam verborgen blijft.

Camouflage helpt kikkers op te gaan in bladeren, schors, modder of water, waardoor roofdieren en prooien ze minder snel opmerken.

Felle kleuren kunnen roofdieren waarschuwen dat een kikker giftig is of vies smaakt.
Volwassen kikkers gebruiken longen, maar veel soorten wisselen ook zuurstof en koolstofdioxide uit via hun vochtige huid.

Het is een helder beschermend ooglid dat een kikkeroog kan bedekken, vooral onder water.