Informatieborden (L) deel 1
20 kaarten over oversteken, haltes, rijstroken, doodlopende wegen, tunnels en noodhulpmiddelen.
L1: Hoogte van een onderdoorgang. Hoge voertuigen moeten opletten of ze erdoor passen.
L2: Voetgangersoversteekplaats. Mensen mogen hier oversteken op het zebrapad.
L3b: Bushalte. Hier stopt de bus om mensen mee te nemen of uit te laten stappen.
L3c: Tramhalte. Hier stopt de tram om mensen in en uit te laten stappen.
L4: Voorsorteerstroken. Kies op tijd de juiste rijstrook voor jouw richting.
L5: Einde van een rijstrook. Voeg op tijd en veilig in.
L6: Splitsing. De weg gaat uit elkaar; kies de richting die je nodig hebt.
L7: Aantal doorgaande rijstroken. Je ziet hoeveel rijstroken rechtdoor blijven lopen.
L8: Doodlopende weg. Je kunt hier niet verder doorrijden.
L9: Voorwaarschuwing voor een doodlopende weg. Je ziet alvast welke kant doodloopt.
L10: Voorwaarschuwing voor een verkeersmaatregel in een bepaalde richting.
L11: Een verkeersbord geldt alleen voor de rijstrook of rijstroken die zijn aangegeven.
L12: Een verkeersbord geldt alleen voor de aangegeven rijstrook.
L13: Verkeerstunnel. Je rijdt een tunnel in of nadert een tunnel.
L14: Vluchthaven. Hier kun je in nood veilig stoppen buiten de rijbaan.
L17: Brandblusser. Hier is een brandblusser voor noodsituaties.
L18: Noodtelefoon en brandblusser. Hier vind je beide hulpmiddelen voor nood.